Geprint vanhttps://www.tuinadvies.be/artikels/top_10_vogelvriendelijke_planten

menu
Tuinadvies

https://www.tuinadvies.be   /    zondag 25 oktober 2020

Top 10 vogelvriendelijke planten

Vogels vinden hun voedsel doorgaans in de vrije natuur maar door verstedelijking van onze omgeving, worden bossen en natuurgebieden steeds schaarser. Vogels die in de lente en zomer hun voedsel in bossen vinden, trekken in de winter vaker naar tuinen omdat het aanbod aan voedsel er in dat seizoen meestal groter is.

In tuinen duiken dan overal voederplekken op. Mezenbollen, meelwormen, pindanoten, zaden, en zonnebloempitten vallen in de smaak en geven de vogels voldoende energie om de koude dagen te overleven. Hoe vettiger, hoe gretiger ze er zullen van smullen.

Maar niet alle vogels lusten dit wintervoeder. De merel, kramsvogel, koperwiek, zanglijster en spreeuw eten bij voorkeur allerlei bessen en fruit. De groenling houdt van zonnebloempitten maar is ook verzot op rozenbottels.

mussen

Met welke planten kan je vogels helpen?

1. Euonymus europaeus: of kardinaalsmuts is een inheemse, bladverliezende struik die vrij hoog kan worden. Het is een dankbare plant die bloeit met kleine, lichtgroene en onopvallende bloemen. De bloemen trekken in de lente insecten aan. In het najaar sieren rozerode vierlobbige vruchtdozen terwijl de bladeren een prachtige rode herfstverkleuring krijgen. Wanneer de vruchten open barsten, komen feloranje zaden tevoorschijn. Deze zaden zijn geliefd bij vogels maar zijn ook een belangrijke voedselbron voor andere dieren. De struik is goed winterhard, kan best op een plek in de zon of halfschaduw en kan ook aan de kust gebruikt worden.

2. Rosa rugosa: de bottelroos of rimpelroos is een doornige struik die ideaal is als haag of om in grote groepen bij elkaar te planten. De bladeren hebben diepe nerven waardoor het lijkt alsof het blad rimpelt. Ze vormen een dichte massa en worden vaak door vogels gebruikt als nestplaats. De witte en roze bloemen bloeien de ganse zomer en trekken bijen en andere insecten aan. Een inheemse plant die in het najaar helderrode bottels vormt die heel geliefd zijn bij groenlingen en lijsters. Als je geluk hebt, trek je ook pestvogels aan.

3. Sambucus nigra: de gewone vlier is een heester die in het wild veel voorkomt. De lekker geurende bloemen groeien in witte bloemtuilen en lokken veel bijen en vlinders. Een heester die kan uitgroeien tot een middelgrote boom en bij voorkeur op een plaats in de volle zon of halfschaduw staat. Na de bloei verschijnen in september en oktober zwarte trossen met kleine vlierbessen. Vogels en dan vooral spreeuwen zijn gek op de rijpe bessen. Op een zonnige plaats zullen ze beter rijpen.

Euonymus - Rosa rugosa - Sambucus

4. Crataegus monogyna: de éénstijlige meidoorn is een heester die tot 9 meter hoog kan worden maar ook perfect is om als haag te gebruiken. Deze plant heeft een grote landschappelijke waarde. Het is een snelle groeier en stelt weinig eisen. Vanaf half maart kleurt de struik fris groen en vormt hij een dichte structuur met vele doorns die een goede bescherming biedt aan vogels. Het is een ideale en veilige broedplaats. Vanaf mei bloeien witte, geurende bloemen die gevolgd worden door rode, eivormige bessen. Vogels zoals kramsvogels en koperwieken eten deze bessen.

5. Sorbus aucuparia: zijn Nederlandse naam lijsterbes zegt voldoende. Lijsters en ook andere vogels zoals merels, goudvink en appelvink lusten de oranjerode bessen graag. De inheemse struik behoudt zijn bessen lang en zijn een goede voedselbron tijdens de wintermaanden als ze goed rijp zijn. Kleinere vogels kunnen de zaden in de bessen niet verteren omdat ze de zaden niet kunnen ontdoen van hun omhulsel. Grotere vogels kunnen de zaden wel kraken. In de zomer trekken de witte bloemen dan weer vele insecten aan. Lijsterbes is een solitaire boom die droogtetolerant is en het goed doet in een doorlatende humusrijke grond op een plaats in de volle zon of halfschaduw.


6. Alnus glutinosa: de zwart els is een vrij grote bladverliezende boom met een langwerpige kroon. De boom verdraagt verharding en groeit ook goed op arme bodems. Elzen zijn éénhuizig en dragen zowel vrouwelijke als mannelijke bloemen. De mannelijke katjes zijn hangend en langwerpig van vorm. De vrouwelijke katjes vormen na de bevruchting groene kegels. In de herfst ontstaat in deze kegels het zaad. Zaadeters zijn gek op elzenpropjes. Veel vogels leven in de wintermaanden van de zaden, denk maar aan sijzen, putters, vinken en kepen die je in grote aantallen kan aantreffen in deze bomen.

Crataegus - Sorbus - Alnus

7. Hedera helix: een klimplant die vaak ondergewaardeerd wordt. Hedera is nochtans een heel nuttige plant voor dieren. Bijen, zweefvliegen en vlinders worden aangetrokken door de bloeiende klimop. De bloei start pas in oktober en zijn voor vele insecten nog een laatste bron van nectar voor ze in winterslaap gaan. Hedera is een groenblijvende klimplant die ideaal is om schuttingen en gevels te laten begroeien. De plant groeit snel en vormt een dichte massa waarin vogels graag hun nest bouwen, denk maar aan winterkoning, roodborst maar ook lijsterachtigen. Hedera is makkelijk te snoeien en stelt weinig eisen. Terwijl er op het einde van de winter andere bomen en struiken vaak geen bessen meer dragen, levert klimop toch nog het nodige voedsel voor heel wat vogels. De bessen van de klimop zijn pas eind februari rijp.

8. Dipsacus fullonum: wil je een putter in jouw tuin dan moet je kaardebol planten of zaaien. Kaardebollen hebben wat weg van distels maar zijn er niet mee verwant. De grote variant kan tot wel 2 meter hoog worden en bloeit van juli tem augustus met kleine lila bloemetjes die veel nectar produceren en veel inceten lokken. De plant verlangt een zonnige plek en een niet te arme bodem. Het silhouet van de stekelige bloemen die in de winter over blijven, zijn decoratief en heel geliefd bij vogels. Vooral de putter is verzot op de zaden uit de bloemen.

9. Oenothera: teunisbloemen zijn  één- of tweejarige planten die zichzelf uitzaaien. De gele bloemen openen 's avonds en zijn vooral bij nachtvlinders in trek. Zowel de bloemen als de knollen zijn geschikt voor menselijke consumptie. De plant staat bij voorkeur op een licht vochtige tot zandige grond. Er bestaat een kleine, een middelste en grote variant. De vruchten zijn zaaddozen met zeer fijn zaad. Vooral putters en sijsjes worden aangetrokken door deze plant. De zaden zijn rijp in september en oktober. Ze bevatten veel caroteen wat de intensiteit van de kleuren van het verenkleed van de vogels bevordert. Ideaal voor de kleurrijke veren van de putter.

Hedera - Dipsacus - Oenothera

10. Helianthus: plant in het voorjaar zonnebloempitten in de tuin en geniet in de zomer van prachtige gele bloemen met een opvallend zwart hart. Ze fleuren de tuin op en hebben na hun bloei ook nog een grote waarde als voedselbron voor vogels. Groenlingen, putters en mezen gaan op zoek naar verdroogde resten van bloemen en pikken de zonnebloempitten met veel smaak uit het hart. De pitten zijn pas na de bloei zichtbaar. Je kan de bloemen ook afknippen en ze hangend laten drogen om ze dan in de winter aan de vogels te geven. 

Helianthus

#5799

Auteur: Inge
Redactie Tuinadvies