Geprint vanhttps://www.tuinadvies.be/artikels/orchidee_laelia

menu
Tuinadvies

https://www.tuinadvies.be   /    dinsdag 12 november 2019

Laelia anceps: de orchidee die meer dan twee maanden aan een stuk bloeit.

LAELIA anceps in het kort

Van alle orchideeen lijken deze op bomen groeiende orchids het meest op Cattleya's. Ze worden vaak hiermee gekruist. Het levendige geel, vurig rood-oranje en diep violet van de Laelia-soorten wordt gebruikt om schitterend gekleurde kruisingen tot stand te brengen. De plant heeft een ongewoon lange bloeiperiode-sommige typen produceren bloemen gedurende meer dan twee maanden. De Laelia is vanuit Mexico zuidwaarts verspreid tot Peru en Brazilie. Er zijn ongeveer 60 soorten bekend: een groot aantal epifyten, een aantal aardorchideeen en enkele lithofyten. Het is niet bekend of de naam van deze plant teruggaat op een Romeinse officier en consul uit de derde Punische oorlog dan wel eenvoudigweg op een Romeinde vrouwennaam.
Deze plant is een van de meest bekende Laelia-orchideeen. Zijn bulben worden 7,5 tot 12,5 cm groot met een enkel blad dat 15 tot 20 cm lang is. In de winter verschijnen bloemen, 4 tot 10 cm breedlavendelkleurig met geel en dieppaarse lippen-in trossen aan de uiteinden van lange, gebogen stengels, die 90 cm lang kunnen worden.

KWEEKWIJZE

Deze planten geven de voorkeur aan nachttemp. tussen 13 en 15 graad Celcius. en aan dagtemp. tussen 18 en 24 graad Celcius. Zorg voor 4 tot 8 uur zonlicht per dag, maar wel gefilterd als de zon op zijn sterkst is. Als ze bij kunstlicht worden gekweekt behoeven de planten een goede verlichting gedurende 14 tot 16 uur per dag. Vochtigheidsgraad tussen 40 en 60 %. Plant deze orchids in een mengsel van 2/3 barg en 1/3 spagnum of turf.
Gedurende de groeiperiode moet het mengsel tamelijk droog gehouden worden tussen de watergeefbeurten in. Na de bloei slechts zoveel watergeven dat de bulben niet verschrompelen. Bemest gedurende de groeitijd planten die in de pot staan eenmaal per maand met een meststof met een hoog stikstofgehalte. Niet bemesten in de rustperiode na de bloei. Elke twee tot vier jaar verpotten als de plant te groot wordt,of als het mengsel verteert en slecht waterdoorlatend wordt. Vermeerder nieuwe planten als de nieuwe scheut verschijnt door de bulben te verdelen in trossen van drie of vier.

 
#525

Auteur: Jan Dekker