Geprint vanhttps://www.tuinadvies.be/artikels/nestkastjes_kiezen

menu
Tuinadvies

https://www.tuinadvies.be   /    donderdag 22 augustus 2019

Waarop letten bij het kopen van een vogelhuisje

Nestkastjes: waar waarom en voor welke vogel?

In het najaar is het weer de tijd om nieuwe vogelhuisjes op te hangen. Vogels hebben dikwijls de tijd nodig om aan de nieuwe kasten te wennen en sommige soorten zoals de grote bonte specht (Dendrocopos major), de pimpelmees (Cyanistes caeruleus) en de koolmees (Parus major) gebruiken de kasten vaak als slaapplaats tijdens de koude winternachten.
Op het einde van de late wintermaanden maakt het ouderpaar al vaak een keuze en weten ze in welke kast ze in het voorjaar hun jongen zullen grootbrengen. Wees er dus tijdig bij indien je bewoners in je nestkasten wil.
Voor sommige soorten wacht je dan weer tot begin april, de bonte vliegenvanger (Ficedula hypoleuca) en de gekraagde roodstaart (Phoenicurus phoenicurus) zijn trekvogels die pas begin april in onze tuin arriveren. Vaak zijn de nestkasten dan reeds ingenomen door mezen en mussen dus voor deze tuingasten kan je de kast later omhoog hangen of de invliegopening afsluiten.

De diversiteit van vogels in je tuin hangt uiteraard af van je leefomgeving en van de aard van de beplanting.
Wil je veel vogels in de tuin kies dan voor heesters en bomen van verschillende leeftijden. Fruit- en besdragende soorten zijn een must voor het aantrekken van allerlei vogelsoorten en ook dood hout is een belangrijk natuurelement voor het aantrekken van insecten, die op hun beurt dan weer vogels aantrekken.
Bij het ophangen van nestkasten is het belangrijk de invliegopening vrij te houden van takken en bladeren, ook de hoogte en de oriëntatie van de opening is niet onbelangrijk. Oriënteer de opening weg van het zuidwesten, onze overheersende windrichting. Zo hou je ook de slag van de regen weg van de invliegopening en blijft de kast min of meer droog. Voor de meeste soorten hanteer een minimum hoogte van 2 meter en een maximum hoogte van 5 meter.
Hang kasten voor verschillende vogelsoorten minstens 3 meter uiteen, voor dezelfde vogelsoorten bedraagt de tussenafstand minstens 10 meter.
Natuurlijk zijn er uitzonderingen, neem nu de huismus (Passer domesticus), zij houden van gezelligheid en broeden graag in kleine kolonies. Hiervoor kan je verschillende standaard nestkasten (invliegopening 35 mm) op een tussenafstand van 20 cm naast elkaar hangen of gebruik maken van een mussenflat. Hang de flat altijd in de buurt van mensen op een plek die beschut is van de hete middagzon.

Halfopen nestkasten, voor bijvoorbeeld de witte kwikstaart (Motacilla alba) en de grauwe vliegenvanger (Muscicapa striata), hang je best op een beschutte plaats tussen beplanting of aan een begroeide muur. Bescherm deze kast met gaasdraad (5 x 5 cm) tegen kraaiachtigen of katten.

Een standaard nestkast is ongeveer 30 centimeter hoog en heeft een grondvlak van 12 bij 15 cm. De invliegopening bevindt zich op 1/4 van de bovenzijde en de nestkast is voorzien van een hellend dak. Deze kast kan dienst doen voor tal van vogels naargelang de grootte van de invliegopening. V
oor pimpelmezen is dit 26 tot 28 mm terwijl koolmezen, gekraagde roodstaarten, kuifmezen (Lophophanes cristatus), bonte vliegenvangers en boomklevers (Sitta europaea) voor een invliegopening van gemiddeld 32 mm kiezen. De roodborst (Erithacus rubecula) en de winterkoning (Troglodytes troglodytes) verkiezen een kleine halfovale of halfopen nestkast met een minimum breedte van een 5 tal cm, het nest wordt bij deze soorten laag gebouwd dus hang je de kastjes best op een gemiddelde hoogte van 150 cm.
De boomkruiper (Certhia brachydactyla), die vooral in een bosrijke omgeving voorkomt, gebruikt een kast waarvan de invliegopening (4 tot 5 cm) zich tegen de stam bevindt langs de zijkant van de nestkast.
Grotere soorten zoals de holenduif (Columba oenas), de kauw (Corvus monedula) en de bosuil (Strix aluco). gebruiken grotere nestkasten met een invliegopening van 15 cm.

Je kan al deze kasten zelf proberen bouwen of je kan elke kast reeds voorgemaakt in de juiste maten en voor de juiste vogelsoort aankopen. Voorzie kleine kastjes voor mezen, mussen en andere kleine zangvogels niet van een zitstokje, zo geef je kapers op de kust zoals de ekster (Pica pica) en de gaai (Garrulus glandarius) ook geen kans om het kastje leeg te roven. Bescherm elke nestkast ook tegen katten.

#3621

Auteur: Thomas
Redactie Tuinadvies
http://www.tuinadvies.be/tuin/145930/thomas-p